prostaatkanker



Definitie

Prostaatkanker is een aandoening die ontstaat in de prostaat, een kleine walnootgrote klier die zich bevindt onder de blaas en die het zaadvocht produceert, noodzakelijk voor voeding en transport van de zaadcellen. Prostaatkanker is één van de meest voorkomende kanker bij mannen.
Prostaatkanker groeit meestal traag en blijft in een eerste tijd vaak beperkt tot de prostaatklier zelf waar het weinig hinder veroorzaakt. Sommige soorten prostaatkanker groeien traag en behoeven soms slechts een minimale of zelfs helemaal geen behandeling. Andere soorten zijn agressief en kunnen snel gaan groeien en zelfs uitzaaien. Vroegtijdig gedetecteerde prostaatkanker – wanneer het nog beperkt is tot de prostaatklier zelf – heeft een betere kans op een volledige en genezende behandeling.

Symptomen

In een beginstadium veroorzaakt prostaatkanker vaak weinig of geen klachten.
Het wordt dan enkel opgespoord door preventief onderzoek.
Gevorderde prostaatkanker kan evenwel klachten en symptomen veroorzaken zoals:
  • Vaak urineren
  • Verminderde plasstraal
  • Bloed in de urine
  • Bloed in het sperma
  • Zwelling van de onderste ledematen
  • Ongemak in de bekkenstreek
  • Lage rug- en gewrichtspijnen 
Indien u één van deze klachten ervaart of hierover bezorgd bent, is een consultatie met uw arts zeker aangewezen.

Oorzaken

De oorzaak van prostaatkanker is niet duidelijk. Artsen weten dat prostaatkanker ontstaat door atypische veranderingen in een aantal cellen binnen de prostaat. Mutaties in het DNA van deze abnormale cellen prikkelt deze cellen tot groei en tot versnelde celdeling. Deze abnormale, zich vermenigvuldigende cellen vormen een tumorgezwel dat kan verder groeien en aanliggende weefsels kan invaderen. Sommige van deze abnormale cellen kunnen loskomen en kunnen uitzaaien naar andere delen van het lichaam (metastasen).

Risicofactoren

Factoren die het risico op prostaatkanker verhogen, bestaan o.a. uit:
  • Leeftijd: het risico op prostaatkanker neemt toe naar mate men ouder wordt. Prostaatkanker komt het meest voor bij mannen ouder dan 65 jaar, doch wordt in zeldzame gevallen ook reeds vastgesteld vanaf de leeftijd van 40 jaar.
  • Familiale voorgeschiedenis van prostaatkanker:
    Indien grootvader, vader, broer of oom in de familie prostaatkanker gehad heeft, vertoont u een verhoogd risico op het ontwikkelen van deze aandoening.
  • Overgewicht: obese mannen waarbij prostaatkanker wordt vastgesteld, hebben vaker een gevorderde aandoening die dan ook moeilijker te behandelen is.
  • Zwarte huidskleur: mannen met een zwarte huidskleur hebben een verhoogd risico op prostaatkanker, dit in vergelijking met andere rassen. Prostaatkanker is in deze bevolkingsgroep vaak invasief of agressief. De oorzaak hiervan berust allicht op genetische factoren.

Complicaties

Complicaties van prostaatkanker en van zijn eventuele behandelingen omvatten o.a.:
 
Uitgezaaide prostaatkanker (metastasen)
Prostaatkanker kan doorgroeien naar omgevende organen, of via de lymfevaten en de bloedvaten uitzaaien naar lymfeklieren, het skelet (bekken, wervels en andere beenderen) of naar andere organen.
Uitgezaaide prostaatkanker kan gepaard gaan met vermoeidheid, zwakheid en gewichtsverlies.
Verder kan doorgegroeide prostaatkanker ingroeien in de urineleiders (ureter) zodat afloop van de urine vanuit de nieren naar de blaas kan bemoeilijkt worden, wat kan leiden tot nierinsufficiëntie.
Uitgezaaide prostaatkanker in de beenderen kan niet alleen pijn veroorzaken maar ook spontane botfracturen.
Eens prostaatkanker doorgegroeid is of uitgezaaid is naar andere organen, kan het nog steeds reageren op behandeling en kan het nog steeds gecontroleerd worden, doch genezing is op dit ogenblik niet meer mogelijk.
 
Incontinentie
Zowel prostaatkanker zelf als zijn verschillende behandelingen, kunnen aan de basis liggen van urineverlies. Behandeling van prostaatkanker hangt vaak af van het type gezwel welke u heeft ontwikkeld, de ernst ervan en de kans op definitieve genezing. Behandelingsopties bestaan o.a. uit heelkunde, radiotherapie, medicatie (hormonale behandeling en/of chemotherapie).
 
Erectiele dysfunctie
Zowel prostaatkanker als aandoening, als zijn verschillende behandelingen – o.a. heelkunde, radiotherapie of hormonale behandeling – kunnen aan de basis liggen erectieproblemen.
Erectieproblemen kunnen steeds behandeld worden door middel van gerichte medicatie, erectie bevorderende vacuum systemen of heelkundige erectie implantaten.

Diagnose en onderzoeken

Screening (gericht onderzoek) naar prostaatkanker.
Het is op heden niet duidelijk of het aangewezen is klachtenvrije, gezonde mannen preventief te screenen naar prostaatkanker. Verschillende medische organisaties zijn het oneens over het nut van dergelijke screening en over de voordelen ervan. Sommige medische organisaties raden regelmatige screening aan vanaf 40 jaar, zeker wanneer er een familiale voorgeschiedenis bestaat.
Andere organisaties raden screening af.
Het is aangewezen dat u uw persoonlijke situatie en de voordelen en nadelen van prostaatkanker screening bespreekt met uw huisarts en specialist. Samen kunt u dan beslissen of een preventief prostaatkankeronderzoek bij u aangewezen is.
 
Preventieve prostaatonderzoeken bestaan o.a. uit:
 
  • Rectaal onderzoek (digitale rectale evaluatie)
    Bij dit onderzoek wordt uw prostaat via het rectum met ruime hoeveelheid glijmiddel betast.
    Indien bij het vingeronderzoek afwijkingen worden vastgesteld in vorm, grootte of hardheid van prostaatklier, worden allicht aanvullende onderzoeken aanbevolen.
     
  • PSA-test (prostaat specifiek antigen)
    Via een routine bloedanalyse wordt de PSA-test geanalyseerd.
    De PSA is een substantie die natuurlijk geproduceerd wordt door uw prostaat en normaal in lichte hoeveelheden aanwezig is in de bloedstroom.
    Een verhoogde PSA-waarde kan een aanwijzing zijn voor prostaatinfectie, chronische prostaatontsteking, prostaatvergroting, doch ook prostaatkanker.
     
  • Transrectale echografie van de prostaat
    Een echografie van de prostaat, uitgevoerd via het rectum is het 3de noodzakelijk onderzoek om de prostaat grondig te evalueren.
    Een smalle probe, vergelijkbaar van vorm en grootte met de wijsvinger, wordt via het rectum binnengebracht. Door middel van ultrasone golven wordt de kwaliteit van de weefsels geëvalueerd, wordt het prostaatvolume bepaald en worden foto’s gemaakt.
    Door middel van echo Doppler onderzoek kan eveneens de doorbloeding van de prostaat en abnormale doorbloedingpatronen worden vastgesteld.
     
  • Multi parametrische NMR van de prostaat
    Dank zij gespecialiseerde software kan via een NMR scan de prostaat dermate worden geanalyseerd dat vroegtijdige (anders niet opspoorbare)  kwaadaardige letsels kunnen worden aangetoond.  
    De prostaat wordt hiervoor in verschillende kwadranten opgesplitst. Via de “PI-RADS score” kunnen kleine tumorale letsels met grote graad van zekerheid worden vastgesteld, zodat een gerichte weefselafname mogelijk wordt.
    Ook de dieptegroei van een tumor in de prostaatkapsel kan bij dit onderzoek worden aangetoond.
     
  • Weefselafname van de prostaat (prostaatbiopsie)
    Indien bij één van de voorgaande onderzoeken, vingeronderzoek, PSA of echografie, enige afwijking te weerhouden is of ongerustheid wordt vastgesteld, zal u worden voorgesteld een prostaatbiopsie te ondergaan.
    Bij dit onderzoek worden onder locale anesthesie met Xylocaïne, onder echografische geleide, enkele stukjes prostaatweefsel afgeprikt met een dunne naald.
    Dit verwijderde weefsel wordt in het laboratorium geanalyseerd en onderzocht teneinde eventuele kankercellen op te sporen.
Onderzoek naar de agressiviteit van mogelijke prostaatkankercellen
Wanneer de prostaatbiopsie aanwezigheid van prostaatkankercellen bevestigt, wordt vervolgens gekeken naar de graad van agressiviteit van het gezwel. 
De weefselfragmenten worden bestudeerd en de kwaadaardige cellen worden vergeleken met gezonde prostaatcellen.
Hoe meer de kankercellen verschillen van gezonde cellen, hoe agressiever het gezwel is en hoe meer kans er is dat dit gezwel gaat uitbreiden en uitzaaien.
Agressieve gezwellen hebben, wat men noemt, een hogere “graad van agressiviteit”. 
De meest gebruikte score om graad van agressiviteit van prostaatkankercellen te evalueren,
noemt men de “Gleason-score”.
Deze score combineert 2 cijfers en kan gaan van score 2 (niet agressieve prostaatkanker)
tot 10 (bijzonder agressieve prostaatkanker).

Onderzoek naar eventuele doorgroei en uitzaaiingen
Eens de diagnose van prostaatkanker is gesteld, zullen uw behandelende artsen
de uitgebreidheid van de letsels vaststellen (het stadium).
Verschillende onderzoeken zijn hiervoor ter beschikking en in functie van het gezwel,
de PSA-score en de graad van agressiviteit kunnen één of meerdere onderzoeken worden aanbevolen:
  • CT-scan (gecomputeriseerde tomografie) van bekken en abdomen. 
    Hiermee wordt hoofdzakelijk gekeken naar eventuele locale doorgroei en naar uitzaaiingen naar de klieren rond de prostaat en in de buikholte. Ook uitzaaiingen op afstand kunnen worden vastgesteld.
  • MRI (magnetische resonantie) van de prostaat.
    Dit onderzoek beoogt voornamelijk de uitgebreidheid van de letsels binnen
    de prostaat en eventuele locale doorgroei vast te stellen.
  • Skeletscintigrafie (Isotopen)
    Met dit onderzoek evalueert men de beenderen en het lichaam, o.a. het bekken,
    de wervels en de ribben, gekend voor eventuele skeletmetastasen.
 Eens één of meerdere van deze onderzoeken achter de rug zijn, kunnen uw artsen het stadium van uw ziekte bepalen en u de meest adequate behandelingsopties voorstellen.

Verschillende stadia van prostaatkanker

Stadium 1
In dit stadium is het prostaatkankergezwel vroegtijdig opgespoord en beperkt tot
een klein deeltje van de prostaat.
Onder microscopisch zicht zijn de kankercellen meestal weinig agressief.
 
Stadium 2
In dit stadium kan het kankergezwel nog steeds klein zijn, doch worden de kankercellen niet als agressiever beschouwd, dit wanneer zij microscopisch worden onderzocht.
In dit stadium kan het kankergezwel evenwel ook reeds uitgebreider zijn en reeds ingegroeid in beide zijden van de prostaatklier.
Er is evenwel nog steeds gezond weefsel rond het prostaatkankergezwel zodat een genezende behandeling nog steeds mogelijk is.
 
Stadium 3
Het prostaatkankergezwel groeit buiten het kapsel van de prostaat tot in de zaadblaasjes of tot in de omgevende vetlaag.
In dit stadium is een genezende behandeling niet steeds meer mogelijk.
 
Stadium 4
Het prostaatkankergezwel groeit in, in de omliggende organen zoals de blaas, zaait uit naar lymfeklieren, beenderen, lever en longen of andere organen.

Behandeling van prostaatkanker

De behandeling van prostaatkanker hangt af van verschillende factoren zoals de snelheid van groei (agressiviteitgraad), de uitgebreidheid van groei en invasie (het stadium), uw algemene gezondheidstoestand, uw leeftijd, evenals van de voordelen en de eventuele nadelen en bijwerkingen van een eventuele behandeling.
 
Een onmiddellijke behandeling is niet steeds noodzakelijk
Bij mannen met een vroegtijdige diagnose van prostaatkanker, is agressieve behandeling
niet altijd onmiddellijk noodzakelijk.
Sommige mannen behoeven zelfs op langere termijn geen actieve behandeling.
Inderdaad wordt bij kleine gelokaliseerde gezwellen – stadium 1 met lage
Gleason-score – vaak een “actieve surveillantie”, ook “watchful waiting” genoemd, aanbevolen.
Bij “actieve surveillantie” worden regelmatige controles uitgevoerd, dit door middel van bloedanalyse (PSA), rectaal onderzoek en indien nodig hernieuwde prostaatbiopten teneinde eventuele evolutie van de agressiviteit van het gezwel na te gaan.
Indien deze aanvullende testen zouden wijzen op verdere toename en agressiviteit  van het gezwel, kan nog steeds tijdig een beslissing genomen worden om naar een actieve genezende behandeling over te gaan.
“Actieve surveillantie” is een goede behandelingsoptie bij kleine prostaatkankerletsels, welke geen klachten veroorzaken en waarvan verwacht wordt dat ze bijzonder traag groeien en beperkt blijven tot een kleine zone van de prostaat.
Een “actieve surveillantie” kan ook worden overwogen bij mannen waarbij actieve behandeling moeilijk is zoals bij slechte algemene gezondheidstoestand of bij gevorderde leeftijd.
“Actieve surveillantie” houdt evenwel een klein risico in, namelijk dat het kankergezwel toch kan groeien en uitzaaiingen tussen de controles, waardoor het soms moeilijker genezend te behandelen is.
 
Heelkundige verwijdering van de prostaat
Heelkunde bij prostaatkanker houdt in dat de volledige prostaatklier met de zaadblaasjes (radicale prostatovesiculectomie) wordt verwijderd.
Tijdens de ingreep worden vaak een aantal lymfeklieren rond de prostaat (de obturatoriusketens) mee verwijderd.
 
Radicale prostatectomie kan op verschillende manieren worden uitgevoerd:
 
  • Klassieke heelkundige radicale prostatectomie via een kleine insnede boven het schaambeen. Via deze insnede worden prostaat en lymfeklieren verwijderd.
    De klassieke prostaatoperatie wordt nog vaak aanbevolen bij doorgroei doorheen
    de prostaatkapsel (stadium 3) en bij vermoeden van klieruitzaaiingen.
     
  • Robotgeassisteerde prostatectomie
    Bij gelokaliseerde tumoren van de prostaat (stadium 1 en stadium 2) wordt vaak gebruik gemaakt van robotgeassisteerde heelkunde. Hierbij worden via een 5-tal kijkgaatjes in de buikwand, instrumenten ingebracht en gekoppeld aan een mechanisch toestel – de robot. De chirurg zit in een computerconsole en manipuleert de verschillende heelkundige instrumenten op afstand.
    Het gebruik van robotchirurgie laat de chirurg toe nauwkeurige bewegingen uit te voeren en vergroot het chirurgisch beeld zodat vaak minder kwetsuur ontstaat van de omliggende weefsels.
Uw artsen zullen met u bespreken welke type chirurgie het meest aangewezen is voor uw specifieke situatie.
 
Radicale prostatectomie, zowel klassiek als met de robot, houdt een minimaal risico in van urinaire incontinentie, welke meestal normaliseert na enkele weken mits intensieve bekkenbodem spieroefeningen.
 
Radicale prostatectomie, zowel klassiek als met de robot, houd een verhoogd risico in op erectieproblemen.
Indien zich dit voordoet, bestaan er verschillende behandelingsmogelijkheden om toch een volwaardige seksuele activiteit te beoefenen.
Uw artsen zullen eveneens met u bespreken welke de risico’s zijn op complicaties, dit in functie van uw persoonlijke situatie, uw leeftijd, uw lichaamstype, uw algemene gezondheid en vooral de agressiviteit van uw gezwel.
 

Radiotherapie
Radiotherapie gebruikt hoog energetische röntgenstralen met als doel de kankercellen ter plaatse te vernietigen.
 
Radiotherapie ter hoogte van de prostaat kan op 2 manieren worden toegediend:
 
Externe radiotherapie: gegeven door een toestel buiten het lichaam
(IMRT: Intensity Modulated Radiotherapy).
Gedurende uitwendige radiotherapie ligt u op een röntgentafel waarbij een groot toestel rondom uw lichaam draait terwijl hoog energetische stralen computergestuurd op uw prostaat worden gericht.
Meestal worden tussen 35 en 40 beurten radiotherapie gegeven, dit gespreid over verschillende weken. Er wordt heden onderzocht of er met kortere schema’s – bv. 20 beurten, een even gunstig en genezend effect kan worden bekomen.
 
Radiotherapie door inplanten van radioactieve zaadjes (brachytherapie)
Bij brachytherapie worden onder volledige verdoving, dit onder echografische geleide, verschillende radioactieve jodiumzaadjes ingeplant in de prostaat. Deze zaadjes leveren een
lage dosis radiotherapie af, dit over een verlengde periode van 2 à 3 maanden. 
Na een 3-tal maanden eindigt de radioactieve werking van de zaadjes spontaan.
De zaadjes dienen dan ook niet verwijderd te worden.
 
Bijwerkingen van radiotherapie kunnen o.a. veelvuldig plassen, pijnlijk plassen en urinedrang inhouden. Eveneens worden darmklachten vastgesteld zoals slappe stoelgang, bloed in de stoelgang als pijn tijdens het ontlasten. Erectieproblemen kunnen ook voorkomen, dit vaak op langere termijn. Op langere termijn kan soms blijvende prikkeling van de blaas (radiocystitis) en van de darm (radiorectitis) voorkomen. Er bestaat een kleine kans dat radiotherapie op langere termijn aan de basis ligt van andere kankergezwellen zoals blaaskanker of darmkanker.
 
Hormonale therapie
Hormonale therapie is gericht op het stopzetten van de productie van het mannelijk hormoon testosterone.
Prostaatkankercellen hebben inderdaad nood aan testosterone om verder te groeien.
Indien de aanvoer van het eigen lichamelijke testosterone wordt geblokkeerd, gaan prostaatkankercellen afsterven of in sommige gevallen trager aangroeien.
Verschillende soorten hormonale therapie omvatten:
  • Medicijnen die de productie van het testosterone in het lichaam blokkeren:
    LH-RH (luteinizing hormone – releasing hormone) agonisten verhinderen de testikels om testosterone aan te maken, dit door het blokkeren van de hormonen welke gestuurd worden vanuit de hypofyse.
    Verschillende soorten LH-RH agonisten zijn: leuprolide (Lucrin, Depo-Eligard), gosereline (Zoladex), cryptoreline (Dekapeptil) e.a.
  • Medicatie die verhindert dat testosterone de kankercellen bereikt:
    anti-androgenen verhinderen testosterone om de kankercellen te bereiken en te prikkelen. Voorbeelden hiervan zijn  bicalutamide (Casodex), flutamide (Eulexin), cyproterone acetaat (Androcur). Deze medicijnen worden vaak gegeven samen met een LH-RH agonist of in het begin van de behandeling met LHRH-agonisten.
  • Heelkunde waarbij de hormoon producerende cellen ter hoogte van de testikels          worden verwijderd (orchiëctomie of heelkundige castratie).
    Verwijdering van de testikels of van het weefsel binnen de testikels verlaagt op spectaculaire wijze de testosteronespiegel in uw lichaam. Deze behandeling is één van de meest efficiënte behandelingen om lage testosteronespiegels te bekomen.
Hormoontherapie wordt gebruikt bij gevorderde prostaatkanker waar genezing niet meer mogelijk is. Hormonale therapie doet de kankergezwellen en de uitzaaiingen in klieren en andere organen verschrompelen en vertraagt de tumorgroei.
 
Bij patiënten met vroegtijdig vastgestelde prostaatkanker kan hormoontherapie worden gebruikt om de prostaatkankergezwellen in volume te doen verminderen, dit alvorens naar een definitieve genezende behandeling over te gaan zoals heelkundig verwijderen van de prostaat (prostatectomie) of radiotherapie.
Hormonale therapie versterkt het effect van radiotherapie en wordt vaak in combinatie gegeven met uitwendige bestraling.
 
Hormonale behandeling wordt eveneens toegepast wanneer na een heelkundige operatie of na radiotherapie, het prostaatgezwel teruggroeit.
 
Als neveneffect van hormonale therapie vermelden we vermindering van het libidogevoel, erectieproblemen, warmteopwellingen (vapeurs), osteoporose en gewichtstoename.
Hormonale behandeling kan ook het risico op hartfalen verhogen.
 

Chemotherapie
Chemotherapie wordt gebruikt om snelgroeiende kankercellen te vernietigen.
Chemotherapie wordt intraveneus toegediend.
Chemotherapie wordt gebruikt bij mannen met snelgroeiende, agressieve en uitgezaaide prostaatkanker wanneer het kankergezwel weerstandig geworden is aan de verschillende klassieke hormonale behandelingsmodaliteiten.
Chemotherapie wordt toegediend in onderling overleg tussen uw behandelende urologen en
de oncologen.